10 DECEMBER 2018 / JANUARI 2019 sociaalbestek etnische diversiteit Er is al lange tijd terecht veel aandacht voor personen met verward gedrag. Maar het gaat daarbij nauwelijks over etnische diversiteit, terwijl immigranten en vluchtelingen een verhoogd risico lopen. Een pleidooi voor een preventieve aanpak, op basis van zes aanknopingspunten. DOOR Carl H.D. Steinmetz Aanknopingspunten voor preventie Verward gedrag en een niet-Nederlandse afkomst I n superdivers Amsterdam is meer dan de helft van de bevolking van niet-Nederlandse afkomst. Vooral niet-westerse immigranten lopen forse risico’s 1 op ongezond voelen, chronische aandoeningen, lichamelijke beperkingen, ernstige psychische klachten, armoede, eenzaamheid, sociale uitsluiting en discriminatie. Bij niet-westerse immigran- ten komt familiaire kwetsbaarheid voor. 2 Kunnen bovenstaande risico’s, het gebrek aan hulp en familiaire kwetsbaar- heid verward gedrag aanwakkeren? Mulder 3 schat het totaal aantal mensen met verward gedrag in Nederland op ongeveer twintigduizend. In deze cijfers ontbreekt echter een uitsplitsing naar immigranten en vluchtelingen, en dat geldt ook voor de politiecijfers. De veronderstelling dat immigranten en vluchtelingen oververtegenwoordigd zijn, kan worden bevestigd noch ontkend. Tussenstapppen Hoe ontstaat kwetsbaarheid van immi- granten en vluchtelingen? Dat begint met familiaire kwetsbaarheid met relatief veel lichamelijke- en psychische ziekten in de familie. Het ontstaat of neemt veelal toe in het moederland, door oorlog, hongersnood, overstromingen of andere rampen. Ook door de vlucht vanuit het moederland kan deze kwetsbaarheid ontstaan of toenemen. Dat geldt ook voor het aankomstland. Nederland wordt internationaal aange- sproken op het discrimineren en uitsluiten van moslims. 4 In de Europese Unie staat Nederland op plaats twee na Griekenland. Uitsluiting vindt plaats in het onderwijs (onderadvisering), op de arbeidsmarkt (ik kan regelen dat er geen immigrant solliciteert) en in het vluchti- ge publieke domein (bij controles worden immigranten er sneller uitgepikt (etnisch profleren) en ‘vies’ aankijken in het openbaar vervoer. Ook komen immigranten en vluchtelingen vaker dan mensen van oorspronkelijk Hollandse afkomst terecht in armoede en schuld- sanering, met soms ellendige gevolgen, zoals kinderen in de jeugdzorg, het thuis kwijtraken, op straat belanden en/of kortdurende psychosen. 5 Deze opgestapelde schade leidt niet automatisch tot verward gedrag. Meestal ontstaat verward gedrag pas na een zich herhalende tussenstap vanaf het moment van binnenkomst in Nederland als vluchteling in een AZC of als immigrant tegen wie wordt gezegd dat zij/ hij niet welkom is. Een onderdeel van deze zich herhalende tussenstap zijn gemeentelijke instanties die immigranten en vluchtelin- gen bejegenen als potentiële fraudeurs, en hen niet ondersteunen of helpen. 6 Onderzoek naar armoede en de stress als gevolg daarvan laat zien dat arme mensen domme dingen doen. 7 Bovenstaande redenering is geen bewijs, het is een poging tot een aannemelijke redenering over hoe verward gedrag bij immigranten en vluchtelingen kan ontstaan. Preventie Vooralsnog staat de curatieve aanpak van verward gedrag door het Landelijk aanjaagteam onder leiding van Onno Hoes centraal. Een preventieve aanpak van verward gedrag ontbreekt. Maar preventie is wel nodig, aangezien het aantal meldingen van mensen met verward gedrag blijft stijgen, en die meldingen slechts het topje van de ijsberg laten zien. 8 Hieronder werken we een zestal aanknopingspunten uit. Ze sluiten specifek aan bij het Amsterdamse coalitieakkoord (mei 2018), maar kunnen ook voor andere gemeenten behulpzaam zijn in het debat over verward gedrag bij mensen met een niet-Nederlandse afkomst. Door deze aanknopingspunten aan te grijpen kunnen immigranten en vluchtelingen beter worden ondersteund, begeleid en geholpen om verward gedrag te voorkomen. Aanknopingspunt 1: Ontkalken gemeentelijke regelingen Een fink aantal Amsterdammers is digibeet en niet zelfredzaam. 1 op de 3 inwoners in Nieuw-West, Noord en Zuidoost 1 is laaggeletterd. 9 Ruim 52 procent van de Amsterdamse bevolking is immigrant en vluchteling. Een deel van deze Amsterdammers spreekt, leest en schrijft geen Nederlands. De administra-