Pagina 251 Gewasbescherming jaargang 38, nummer 5, september 2007 Mededelingenblad van de Koninklijke Nederlandse Plantenziektekundige Vereniging [ ARTIKEL Het seizoen 2007 begon warm na een zeer zachte winter en er werd dus relatief vroeg gepoot. Kort na het planten sloeg het weer echter om en tot op heden (half juli) is het sterk wisselval- lig, relatief koel en regenachtig. Ideaal voor zowel Phytophthora als voor de aardappel maar een teeltkundige ramp is nooit ver weg. Noodgedwongen worden daarom momenteel veelvuldig fungiciden ingezet om het ge- was en de economische renta- biliteit van het bedrijf te red- den. Het middelenpakket zoals dat momenteel in Nederland beschikbaar is, is gebaseerd op een groot aantal actieve stoffen en breed inzetbaar. Dezelfde weersomstandigheden die uitbreiding en verspreiding van Phytophthora in de kaart spelen werken echter nega- tief uit op beschermingsgraad en beschermingsduur van de bespuitingen. Geen wonder dus dat in de meeste aardap- pelvelden op dit moment in meerdere of mindere mate wel Phytophthora is te vinden. Dit is misschien geen directe ramp maar de risico’s op knolinfectie zijn groot. Hopelijk slaat het weer binnenkort om zodat een adempauze ontstaat, maar zoals het seizoen 2006 heeft be- wezen is warm en droog weer gedurende langere tijd slechts voldoende om epidemieën tijdelijk stil te zetten, niet om ze uit te bannen. Alertheid blijft daarom geboden hoe de rest van het seizoen 2007 ook zal verlopen. Binnen het thema populatie- biologie van het parapluplan Phytophthora wordt onderzoek gedaan aan epidemiologi- sche en populatiedynamische aspecten van het ‘Phytoph- thoraprobleem’. De doelstelling is veelal praktisch van aard en gericht op het optimaal en minimaal inzetten van fungici- den en monitoring en karakte- risering van de Nederlandse P. infestans-populatie. Hiermee Phytophthora bij de bron hard aanpakken Bert Evenhuis, Pete Skelsey, Stefan Bosmans, Wopke van der Werf, Walter Rossing, Rolf Hoekstra, Bert Holtslag en Geert Kessel E-mail: geert.kessel@wur.nl Phytophthora infestans is, vanuit populatiedynamisch oogpunt, misschien wel een van de meest sprekende voorbeelden van een opportunist (r-strategist) die we in de landbouw kennen. Grote populaties ontstaan tijdens het groeiseizoen en produceren enorme aantallen nakomelingen. Deze worden verspreid en in een enkel geval valt een nakomeling, in dit geval een spo- rangium, ‘in vruchtbare aarde’ waarna infectie kan ontstaan. Een snelle berekening leert dat, met een conservatief geschatte sporulatiedichtheid van honderd sporangia per mm 2 blad en een leaf area index van vijf, per hectare aardappel 5x10 12 sporan- gia geproduceerd kunnen worden. Wat daarvan het effect is in een regio met een hoge aardappeldichtheid, onder voor Phytoph- thora gunstige weersomstandigheden, laat het haardenkaartje van het MasterPlan Phytophthora voor het huidige teeltseizoen duidelijk zien (Figuur 1). Figuur 1. Weergave van Phytophthora infestans-aantastingen in aardappel op 18 juli 2007 zoals gepubliceerd door het MasterPlan Phytophthora en Dacom PLANT Service B.V. op www.kennisakker.nl.