Guest (guest) IP: 100.26.176.101 On: Wed, 25 Jan 2023 14:26:34 TIJDSCHRIFT VOOR GESCHIEDENIS 738 BESPREKINGEN Jan Hosten, De tempeliers in de Lage Landen (Horizon; Amsterdam 2020) 528 p., ill., €26,99 ISBN 9789463962261 Vlaamse riddermonniken in de verf gezet? Bi het grote publiek is er geen middel- eeuws thema zo populair als de opkomst en ondergang van de tempeliers. Logisch, want er zit veel in: ridderleven, een combi- natie van gebed en geweld, grillige konin- gen, zwalkende pausen en een ketterpro- ces, eindigend in de brandstapel voor de grootmeester en andere ordeleden. Toch heeft de academische geschiedschriving er in de Lage Landen weinig belangstel- ling voor gehad. En dat is vreemd omdat de bakermat van de orde behalve in de Champagne in Vlaanderen lag. Daar, maar ook in Henegouwen, Luik en Brabant had ze veel vestigingen. Hoe verhielden deze ordehuizen zich door de tid heen tot hun sponsors en de orde als geheel? In hoe- verre werd het bestaan van hun bewoners geraakt door het militaire en politieke lot van de ordeleden in het werkterrein aan de grenzen van de christenheid? We we- ten er weinig van omdat de studie ernaar tot dusver is overgelaten aan archivarissen en erudiete lokale historici. De Ieperse journalist Jan Hosten is een van hen. Hi verzamelt al sinds jaar en dag gegevens over het ‘Nederlandse’ aandeel in de orde, en probeert daarbi aansluiting te vinden bi de internationale historiografie, die met name in Engeland, Frankrik en Is- raël sinds de jaren tachtig flinke vooruit- gang heeft geboekt. Hi publiceerde er in 2006 een boek over en biedt daar nu een bigewerkte reprise van in een omvangrik geïllustreerd werk, voorzien van diverse bilagen maar zonder index. De tekst op de achterflap, over de Ne- derlanden als ‘logistieke en financiële draaischif’ van de Tempelorde, suggereert dat haar huizen in onze streken centraal staan. De indeling laat echter zien dat dit maar half het geval is. Pas aan het eind, na zeven hoofdstukken over de algemene or- degeschiedenis in relatie tot de kruistoch- ten, volgen twee capita over de tempeliers van de Lage Landen. Deze hebben het ka- rakter van losse inventarisaties en zin dus beter te lezen als bilagen. Zo valt daarin op dat Ieper en West-Vlaanderen met vif- tig bladziden een hoofdrol krigen terwil aan het even zo belangrike Frans-Vlaan- deren onder het kopje Nord/Pas-de-Calais slechts tien pagina’s zin besteed. Van een systematische vergeliking, ontleding en fasering is geen sprake. Wel probeert de auteur in zin algemene verhaal de rol van de Vlaamse en ook Brabantse broe- ders en begunstigers extra te belichten, bi het ontstaan en bi drama’s als de val van Akko in 1291. Om die reden had in de boektitel beter het woordje ‘in’ vervangen kunnen worden door ‘en’: De tempeliers en de Lage Landen. Als we het boek zo nemen als vari- ant op de vele populaire syntheses in het Engels, zonder centrale vraagstelling maar met de nadruk op de inbreng van Vlaamse broeders, wat heeft het dan te bieden? Gemeld kan worden dat het voor de hoofdlin steunt op het werk van er- kende experts als Malcolm Barber, Alain Demurger, Helen Nicholson en Jochen Burgtorff. Ook voor kleinere thema’s vindt men er wel recente inzichten in verwerkt. Dat betekent dat bivoorbeeld de oor- sprong als een groep ridders verbonden