In 2010 vormden aandoeningen aan de lage rug één van de meest gemelde beroepsziekten: 757 beroepsziektemeldingen en 35% van het totaal aantal meldingen bij de categorie aandoeningen aan het bewegingsapparaat. 1 Rugklachten zijn de tweede belangrijkste redenen van verzuim in Nederland: 9%. Daarnaast is meer dan de helft van deze verzuimers (55%) van mening dat werk mede de oorzaak is van deze klachten. 2 Weten- schappelijke studies tonen aan dat werk mede de oorzaak kan zijn van deze klachten. 3,4 Werk- gerelateerde risicofactoren zijn tillen, buigen en draaien van de romp, lichaamstrillingen en onte- vredenheid met het werk. Er is veel aandacht voor preventie van lage rug- klachten. Denk bijvoorbeeld aan de adviezen van de Nederlandse overheid (www.arboportaal.nl/ onderwerpen/fysieke-belasting/dynamische- werkhouding/tillen-en-dragen.html), Arbocatalogi (www.arbocatalogi.net) en campag- nes in de bouw zoals Til Slim (www.arbouw.nl/ pdf/overig/til-slim.pdf) of Lichter Werkt (www. lichterwerkt.nl). Ondanks deze campagnes blijft de prevalentie van werkgerelateerde rugklachten hoog. 5 Daar zijn meerdere mogelijke redenen voor aan te wijzen: één van de redenen is dat de preventieve maatregelen onvoldoende effectief zijn doordat de blootstelling aan de risicofacto- ren onvoldoende wordt verminderd. 6 TILLEN, BUIGEN EN DRAAIEN, EN RUGKLACHTEN Twee belangrijke werkgerelateerde risicofacto- ren voor lage rugklachten zijn tillen, en buigen en draaien van de romp. De blootstelling aan deze risicofactoren voor lage rugklachten wordt net als voor andere risicofactoren gekarakteri- seerd door tijdsduur, frequentie en intensiteit. Voorbeelden van intensiteit zijn bijvoorbeeld de mate van buiging van de romp, de grootte van de compressiekracht op de lage rug en het te tillen gewicht. Voor het ontstaan van lage rugklachten blijkt zowel de intensiteit als de tijdsduur belang- rijk uit epidemiologische studies en uit studies naar de pathofysiologie. Epidemiologie Een Canadese patiënt-controlestudie berekende de blootstelling in diverse biomechanische bloot- stellingsmaten bij 104 werknemers met lage rug- klachten en 130 werknemers zonder rugklach- ten. De werknemers werkten allen in de assem- blage van auto’s. De resultaten toonden aan dat biomechanische piekbelasting op de lage rug (intensiteit) gedurende de werkdag sterker samenhing met het hebben van lage rugklachten dan de cumulatieve belasting (tijdsduur) gedu- rende de werkdag. 7 Vergelijkbare resultaten over de bijdrage van intensiteit en tijdsduur zijn gevonden in een studie naar de relatie tussen de biomechanische rugbelasting bij 400 tiltaken in 48 bedrijven en de grootte van het risico op rug- klachten in deze bedrijven. 8 Het risico op rug- klachten werd bepaald op basis van de medische dossiers van de werknemers. Samenvattend, de intensiteit – biomechanische piekbelasting op de lage rug – én de tijdsduur – cumulatieve biome- chanische belasting van de rug gedurende een werkdag – zijn beide voorspellers van rugklach- ten. Pathofysiologie Een mogelijke verklaring voor het hebben van rugklachten is schade aan de wervel in het bij- zonder breukjes in sluitplaten. 9 Uit kadaverstu- dies naar de sterkte van deze sluitplaten blijkt dat schade zowel samenhangt met biomechanische piekbelasting op de rug (intensiteit) en met cumulatieve biomechanische belasting van de rug (tijdsduur). 10 Voor de duidelijkheid: meer recente epidemiologische en pathofysiologische studies zijn niet gevonden over dit onderwerp. PREVENTIE: TIJDSDUUR ÉN INTENSITEIT De resultaten uit de epidemiologische en patho- fysiologische studies zijn in overeenstemming met elkaar. Bij de selectie van preventieve maat- regelen voor tillen, en buigen en draaien van de romp lijkt het dan ook wijs om niet alleen maat- 478 TBV 19 / nr 10 / december 2011 Preventie van lage rugklachten: alleen urenbeperking lijkt onvoldoende BERICHTEN UIT HET NCVB Figuur 1. Een stukgoedchauffeur aan het werk met een rolvloer.