NED TIJDSCHR GENEESKD. 2012;156:A4606 1 KLINISCHE PRAKTIJK RICHTLIJNEN Multidisciplinaire richtlijn ‘Herkenning en behandeling van chronische pijn bij kwetsbare ouderen’ Wilco P. Achterberg, Corinne M. de Ruiter, Chantal M.E.E. de Weerd-Spaetgens, Paul Geels, Annemieke Horikx en Monique M. Verduijn* Gerelateerd artikel: Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:A4933 In 2030 zijn er naar verwachting 4 miljoen 65-plussers in Nederland. Hiertoe behoort een groep kwetsbare oude- ren van overwegend hoge tot zeer hoge leeftijd met meer- dere chronische aandoeningen en lichamelijke, psychi- sche, communicatieve en sociale beperkingen. Chronische pijn komt bij hen vaak voor, terwijl uit onderzoek blijkt dat pijn bij kwetsbare ouderen nog onvoldoende herkend en behandeld wordt. Chronische pijn kan veel oorzaken hebben, zoals spier- en gewrichtsklachten, een beschadi- ging van het centrale of perifere zenuwstelsel, kanker, artrose, osteoporose, decubitus of zelfs obstipatie. Bij kwetsbare ouderen leidt pijn vaak tot een verminderde kwaliteit van leven door fysieke inactiviteit, verminderde zelfredzaamheid, afgenomen participatie, sociale isolatie en verhoogde zorgconsumptie. Dit kan leiden tot angst, depressie en achteruitgang van het lichamelijk, sociaal, psychisch en cognitief functioneren. RICHTLIJNONTWIKKELING In de multidisciplinaire werkgroep participeerden afge- vaardigden van een cliëntenorganisatie en 11 relevante organisaties en wetenschappelijke verenigingen. De richtlijnwerkgroep startte met een knelpuntanalyse onder een breed scala van zorgprofessionals die betrok- ken waren bij de zorg voor kwetsbare ouderen met pijn. Vervolgens formuleerde de werkgroep na beoordeling van de evidence in 450 wetenschappelijke publicaties, conclusies en aanbevelingen. De richtlijn (samenvatting, • Chronische pijn bij kwetsbare ouderen wordt nog steeds slecht herkend met onderbehandeling als gevolg, zowel thuis als in ziekenhuizen en verzorgings- en verpleeghuizen. • Kwetsbare ouderen ervaren en uiten hun pijn anders dan relatieve gezonde volwassenen, zeker als zij cognitieve beperkingen of specifieke aandoeningen hebben. • Het vaststellen van de aard en de ernst van de pijn vraagt om gebruik van scoringsinstrumenten die gevalideerd zijn voor toepassing bij kwetsbare ouderen. • Goede pijnbehandeling vergt zorgvuldige diagnostiek, farmacologische én niet-farmacologische interventies die bewezen effectief zijn bij kwetsbare ouderen. • De combinatie van multimorbiditeit en polyfarmacie verhoogt de kans op het optreden van bijwerkingen en complicaties. Daarnaast zijn de farmacokinetische en farmacodynamische eigenschappen van veel geneesmid - delen anders bij kwetsbare ouderen. • Het advies is om te starten met een lagere dosis pijnmedicatie en langzaam een spiegel op te bouwen op basis van de pijnverlichting en de bijwerkingen (‘start low, go slow’). LUMC, afd. Oudergeneeskunde, Leiden. Prof.dr. W.P. Achterberg, specialist ouderengeneeskunde. Verenso, Utrecht. Drs. C.M. de Ruiter, beleidsmedewerker. Orbis Medisch en Zorgconcern, Sittard. Drs. C.M.E.E. de Weerd-Spaetgens, klinisch geriater. Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik, Utrecht. Drs. P. Geels, specialist Ouderengeneeskunde. KNMP Geneesmiddel Informatie Centrum, Den Haag. Drs. A. Horikx, apotheker. Nederlands Huisartsen Genootschap, Utrecht. Drs. M.M. Verduijn, apotheker. Contactpersoon: prof.dr. W.P. Achterberg (w.p.achterberg@lumc.nl).