ONDERWIJSBELEID ACTUEEL De zorg van morgen Flexibiliteit en samenhang in opleidingszorg Henk Ritzen Wilma Voorhorst Abstract De huidige inrichting van onze gezondheids- zorg voldoet niet aan de behoefte van de samenleving. Zowel de duur als de inhoud van de initie¨le- en medi- sche vervolgopleidingen sluiten maar voor een deel aan op de ontwikkelingen in zorg, maatschappij en medi- sche beroepsgroepen, waardoor zorgvraag en zorgaan- bod onvoldoende op elkaar zijn afgestemd. Nog steeds zijn er lange wachttijden en grote wachtlijsten, waar- door de doelmatigheid van de zorg ter discussie blijft staan. Oplossingen zijn een verschuiving van een aan- bod- naar een vraaggeorie¨nteerd zorgsysteem waarin marktprikkels een rol kunnen spelen, wijziging van het verzekeringsstelsel, de introductie van outputfinancie- ring en het opheffen van belemmerende regelgeving. Een belangrijk middel in de oplossing van de verschui- ving naar een vraaggeorie¨nteerd zorgsysteem is het personele aspect. De vraag doet zich dan voor aan welke zorgprofessionals wij behoefte hebben en hoe kan het verlenen van zorg weer aantrekkelijk worden gemaakt? Een belangrijke taak voor het beroepson- derwijs MBO, HBO en WO. Het rapport ‘De zorg van morgen’ van de commissie LeGrand en de brief ‘Opleiden en taakherschikken, Kabinetsstandpunt op rapporten’ van minister Hoogervorst van VWS geven inzicht in toekomstig arbeidsmarktbeleid en toekom- stige beroepsopleidingen voor de zorgsector. In dit artikel een overzicht van het regeringsbeleid en een kritische beschouwing. Inleiding Tijdens de zomer van 2003 heeft de Commissie Imple- mentatie Opleidingscontinuu¨ m en Taakherschikking onder voorzitterschap van mevrouw M.J.M. Le Grand- van den Bogaard in opdracht van de ministeries VWS en OC&W het rapport ‘De zorg van morgen. Flexibiliteit en samenhang’ gepubliceerd. De commissie LeGrand had vanuit de ministeries VWS en OCenW de opdracht zich te buigen over de vraag hoe op basis van de drie adviezen ‘De arts van straks’, ‘Taakherschikking in de gezond- heidszorg’ en ‘Evaluatie Wet BIG’ ook in de toekomst bij een groeiende vraag naar zorg voldoende professio- nals inzetbaar zijn binnen de zorg. In de landelijke pers werd de meeste aandacht geschonken aan het verkorten van de artsopleiding en de vervolgopleidingen. Door artsen korter op te leiden wordt aangesloten bij Europese regelgeving en op basis van gecertificeerde in- en uitstapsystemen kon de studie- uitval worden voorkomen, waardoor jonge mensen niet halverwege de studie verloren gaan voor de gezondheids- zorg. De politici omarmen dit beleid omdat hiermee twee vliegen in e´e´n klap worden geslagen, namelijk: kosten- reductie van de opleidingen en vermindering van het artsentekort. Volgens minister Hoogervorst moet de koers van de beroepen en opleidingen in de zorg voor een deel worden verlegd, zodat een betere kwaliteit en een beter carrie`re- perspectief voor de mensen die in de zorg werken kan worden gegarandeerd. Volgens de beleidsagenda 2004 van VWS wordt het aantal opleidingsplaatsen, zowel medisch als bij verpleging en verzorging uitgebreid. Hier- door krijgen de opleidingen een belangrijke taak en verantwoordelijkheid. Henk Ritzen, door en, (*) Henk Ritzen en Wilma Voorhorst zijn respectievelijk werkzaam bij ROC Oost-Nederland en Thuiszorg Noord West Twente. Zij maken deel uit van de redactie van O&G. Onderwijs en gezondheidszorg (2004) 28:269–273 DOI 10.1007/BF03071432 13