aar ars Jie :fe )t, en of nd )it ia- rd de la- el- ¡n ns n. le et o- al :f- e- u- .¡- n l- n =- l- I- rt :. e [, i- I i, f f I t , j ) re respectabele takken van wetenschapsbeoe_ fening - en leiden erroe dar slechte "i;;rd- ledige bijdragen worden uitgezuiverd ; t;_ tenties ingetoomd. Kuijper lijk daar slåcht van op de hoogte te ziin. Areas srudies staan niet buiten het epistemologisch_kritische deP:Ìt: Ze hebben juist een grore mate van zettlffitiek getoond, met name over de ken_ nisaanspraken die sommigen doen over een Iand op grond van hun taalkundige of fte.air- historische vakkennis. Wii waarderen het wetenschapskritisch onderbouwde betoog van Kuijper orr'r orea, studj? en onderschrijven eÁkele van zijn positieve suggesües. Jammer is echter dat hãt sruk, dat zwaar is aangezet met een veel te groot en lang niet altijd relevant notenappa_ r,aal,.eel moeilijk re begrijpen ue.o.,gèú;k_ theid ademt en af ten toe uitmonclt in onver_ anfwoorde ad bomineru-achtige redenerin_ gen waarvan wij de achtergronden niet ken_ nen (b.v. noor 15 en25). Dat,landendeskun_ digen' worden aangezien voor deskundig op lecler terrein van leven in het desbetrefen¿ã 1i"9,ß eerder een probleem van de i;;";_ listiek dan veroozaakt door de prétenties van wetenschappers in area studìei. Kuijpers algemene requisitoor schiet helaas, ondanks de goede aftenderende functie, 'vaak ziin doel voorbij en berust op een soort autori_ teitsargument dar niet bij voorbaat overruigt. Des te berreurenswaardiger is het dat hij L de. laatste alinea suggereert dat elke reaôtie (of non-reactie!) op zijn sruk zijn eigen gelijk zou hewijzen. Dit is een cirkel¡edãning én niet bevorderli¡'k voor verder kritisch deËat. Referenties Bares, R., V Mudimbe &J. O,Bur (eds), 1993, ,Africa and the Disciplines. 'l'he Conrribution of Reserch in Africa ro the Social Scie¡ìces and Humanities. Chicago _ London: Universiry of Chicago press. Baud, M. 2005,'Beyond rhe state. politics and society in Latin Afierica and Africa,' ln: R. Spronk, K. Willemse & A. van der Kwaak, eds. Ftstschrift for peter Geschiere, l.eiden CNWS (rer perse)_ I-audan, t-., 1988, i\re all rheories equallygood?'In: R. Notan (ed.), Relativism and Realism in Science, pp. 1I7_ 139. Dordrecht - Boston - London: Kluwen Popper, K.R., 1963, Conjectures and ReÍì.¡tations. The Growrh ofScicntific Knowledge. London: Routledge & Kegan Paul (5th rcvised edition, 1989) Gert Oostindie Gver regiostudies, parochialisme en scnrrngevechten Ik beb geaarzeld of ik .zot1 ingaan op bet *r?"f te re-age-ren oþ de bìjdrage uan Ruijper Aønuankeliik besloot ik dit niet te dioen. Als ik door atte"tbeoreî¡siøi urtstapjes en dwaal- îDegen been lees bIffi er een bozis sestelde maar ou.erigens nìet onjuiste stellíng bangen. Kort saTnengeuat: Srondige regiok"eñnís díent ínterdisciþlinair oo,n'àara tu zijn, een oþga- ue die een deskundige ujt ø9n disciprine ni:et kan *oLr*o-k"i,"in'-r"pn, níet een geirso_ Ieerde linguïst. Aan die bood.scbap za.r, zo rijkt mij, nìemand ziih storen, integendeer; dat is een scbiingeuecbt' Ik begríþ ni"t go"d wåørom Kuijper oaer dìt alles zo,n beìsø møakt - tenzü bìer persoonriike rgncunn lng"n de Leìdse siiologie sjeïi,--*ooror"r ik níet wíl speculeren en zeker níet scbríjaen. rol dat ik directeur ben van een KNA\rV_insti_ tuut dat zich al ruim anderhalve eeuw _ aan_ vankelijk vanuir een koloniale achtergro.rJ_ met- rwee regio's bezighoudt, nãmeüjk Zuidoost-Azië, in het bijãonder t.r¿orr.si'á, trnvloed koloniale tild en Koude Oodog Dat ik toch reageer vloeit slechts vooft ;t het gevoel dat het onderwerp van landen_ en regiosfudies een meer weloverwogen dis_ cussie verdient. Daarbij speelt uiterãard een 23