66 Ned Tijdschr Traum 2010 - nr 3 origineel artikel Een vorstperiode van drie weken: analyse van gevolgen voor perifeer ziekenhuis en bruik- baarheid van triagesysteem A.W.M. Stolwijk 1 A. van Wensen 2 M.A.A. van Hooft 3 J.M. Franken 1 M.P. Somford 4 L. van der Laan 5 D.I. Vos 6 den en het aantal (semi-)acute operaties in ons ziekenhuis op de locaties in Breda en Oosterhout. Patiënten en methoden Vorstperiode Voor het definiëren van de vorstperiode analy- seerden wij de meteorologische gegevens van het KNMI naar temperatuur en hoeveelheid neer- slag per dag. 2 Het weerstation te Gilze-Rijen in Noord-Brabant werd als doelstation gebruikt voor de weersomstandigheden in Breda en Oosterhout. De vorstperiode werd, op basis van de minimum- temperatuur, gedefinieerd als 25 december 2008 – 12 januari 2009. Ter vergelijking analyseerden wij de meteorologische gegevens van het voorafgaan- de jaar gedurende dezelfde periode: 25 december 2007 – 12 januari 2008 (controleperiode) (fig. 1). Inleiding De afgelopen vorstperiode in december 2008 – januari 2009 bracht vele traumata van het steun- en bewegingsapparaat met zich mee. Dit was zo opvallend dat de krant meldde: ‘In het Amphia Ziekenhuis in Breda moesten mensen zelfs op de gang worden geholpen.’ Er was sprake van een verdubbeling of verdrievoudiging van het aantal botbreuken, variërend van arm en pols tot heup en schouder. 1 Wij besloten uit te zoeken wat de invloed van deze vorstperiode was op de patiën- tenstroom, de triage, de opvang, de doorlooptij- Samenvatting Doel: De vorstperiode december 2008 – januari 2009 bracht vele traumata van het steun- en bewegingsap- paraat met zich mee. De krant meldde: ‘In het Amphia Ziekenhuis in Breda moesten mensen op de gang worden geholpen.’ Wij analyseerden wat de invloed van deze vorstperiode is geweest op de patiëntenstroom, triage, doorlooptijden en acute operatie-indicaties. Opzet: Beschrijvend, retrospectief. Methode: In deze retrospectieve studie werden alle pati- enten gezien op de afdeling Spoedeisende Hulp (SEH), met letsel van het steun- en bewegingsapparaat ten gevolge van de vorst, geanalyseerd. Deze groep werd ver- geleken met de patiëntengroep in dezelfde periode een jaar eerder. Resultaten: Gedurende de vorstperiode werden 1924 patiënten geëvalueerd; 1646 patiënten hadden letsel van het steun- en bewegingsapparaat. Bij 36% was het letsel vorstgerelateerd, waarvan 59% een fractuur die veelal conservatief werd behandeld. De polsfractuur kwam het meest voor (38%). De patiëntenstroom liet een toename van 40% zien, maar voldeed niet aan de inzetcriteria van het Ziekenhuis Rampen Opvangplan (ZI-ROP). Triage op basis van het Manchester Triage Systeem (MTS) werd voortgezet. Er was sprake van een hoog percentage laag- complexe zorg (67%). De gemiddelde doorlooptijd in de vorstperiode was gelijk aan die in de controleperiode (97 minuten). Conclusie: De vorstperiode heeft geleid tot een toename van het aantal letsels van steun- en bewegingsapparaat, voornamelijk fracturen. Het MTS is goed bruikbaar geble- ken tijdens de toename van de patiëntenstroom in deze periode. Opschaling van personeel naar eigen inzicht was voldoende om de doorlooptijd niet te doen toenemen. Dit is mogelijk mede te danken aan effectievere werk- zaamheden en een hoge bereidheid van personeel. 1 ANIOS Chirurgie 2 verpleegkundige Spoedeisende Hulp 3 ANIOS Orthopedie 4 AIOS Orthopedie 5 chirurg 6 traumachirurg, medisch manager Spoedeisende Hulp, Amphia Ziekenhuis, Breda